Workshop: Psychische gezondheid in context

woensdag 29 november , ExpEx Haarlem/Heemstede

Experienced Experts, oftewel ExpEx, zijn jongeren die zelf ervaring hebben met jeugdhulp. Zij worden getraind om die ervaring in te zetten om jongeren te helpen en organisaties te adviseren over wat er beter kan in de jeugdzorg.

Drie van hen (Jason, Mariska en Bo) gaven een workshop op het symposium ‘Psychische gezondheid in context’ dat werd georganiseerd door de Opvoedpoli.

ExpExs: drie zelfbewuste jongeren

De groep bestaat uit twintig medewerkers in de jeugdhulp en drie ExpExs en het gesprek is indrukwekkend gelijkwaardig. Hier staan geen getroebleerde slachtoffers maar drie zelfbewuste jongeren die hun eigen ervaring voortreffelijk inzetten. Ze laten de groep kritisch nadenken over hun werk en de keuzes die ze daarin maken.

Eerste kennismaking

We staan met z’n allen in een kring. ‘Wie heeft er net als ik iets zwarts aan’, roept Jason. Hij staat in het midden van de kring en legt kort de spelregels uit. ‘Wie net als ik een zwarte broek of trui draagt, gaat op een andere plek in de kring staan.’

Maar dat moet wel snel: want wie als laatste van plek is gewisseld, krijgt de beurt om in het midden van de kring een nieuwe stelling voor te leggen.

Jezelf een (heel) klein beetje bloot geven

‘Wie heeft er net als ik krulletjes’, roept de volgende. Maar dan wordt het lastiger. ‘Wie is er net als ik lhbt’er?’ ‘Wie is er net als ik op school gepest?’ ‘Wie is er wel eens bang?’ De bedoeling van de oefening is om ons allemaal wat losser te maken en dat lukt.

Én het zorgt voor een gevoel van gelijkheid: iedereen heeft wel iets waar-ie zich misschien een beetje voor schaamt. Wat voelt dat eigenlijk goed, hoor je de groep denken, om een klein beetje van jezelf bloot te geven.

Mag een therapeut je af en toe een knuffel geven?

Als volleerd gespreksleiders vertellen Jason, Bo en Mariska over hun ervaringen en dagen ze hun publiek uit om kritisch mee te denken. Want wat doe je eigenlijk, als een jong meisje heftig in paniek tegenover je zit? Mag je zo iemand geruststellen door even haar handen vast te pakken? Of is dat niet professioneel?

De vraag wordt gesteld door een vrouwelijke therapeut in de zaal. ExpEx Bo vertelt dat haar psycholoog haar een paar dagen na het overlijden van haar vader gewoon een knuffel had gegeven en dat ze dat erg fijn had gevonden. ‘Het was gewoon menselijk’, zegt ze.

Jason zegt tegen de behandelaar in kwestie: ‘Ik vind dat je dat heel goed hebt gedaan.’ De meeste collega-behandelaren die hier aanwezig zijn, zijn het daar mee eens. Maar een mannelijke psycholoog twijfelt: ‘Je moet het naar je zelf kunnen verantwoorden. Als mannelijke therapeut kan dat naar een vrouwelijke cliënt wat anders liggen.’

Mag je zelf je eigen psycholoog kiezen?

Ander dilemma. Wat als een depressieve puber zich alleen op haar gemak voelt bij een psycholoog die niet over de benodigde titel ‘cognitief gedragstherapeut’ beschikt? Wat is belangrijker, vragen de ExpExs aan de zaal: de diploma’s van de therapeut, of de klik met de patiënt?

De therapeuten in de zaal aarzelen, maar neigen naar dat laatste. Iemand oppert dat het in zo’n geval misschien goed zou zijn om af en toe de expertise van een collega in te schakelen om even mee te kijken.

Bo: ‘Misschien wel, maar bij mij denk ik niet dat het veel had uitgemaakt. Mijn ouders hebben moeten praten als Brugman om de therapeut van mijn keuze, die inderdaad niet het juiste papiertje had, te krijgen. Maar het lukte en het heeft voor mij heel goed uitgepakt.’

Wat helpt het meest in een psychologische behandeling?

‘Wat heeft jullie het meest geholpen in jullie behandeling?’ vraagt een therapeut de ExpExs. Jason: ‘Als een hulpverlener iets over zichzelf vertelde: over zijn of haar kinderen, of gewoon iets over het eten van gisteravond. Dat haalt iets van de afstand weg en maakt het veel makkelijker om je open te stellen.’

Bo en Mariska knikken instemmend. Mariska: ‘En ook dat de regie bij de jongere blijft. Ik vind dat er goed geluisterd moet worden naar waar de jongere zelf zich prettig bij voelt. En: blijf naast de jongere staan, ook al maakt hij of zij soms verkeerde keuzes.’

Elastiekje om je pols

Een goed uur gaat snel voorbij. Aan het begin heeft Jason iedereen een elastiekje in de hand gedrukt. Aan eind van de sessie legt hij uit waarom. ‘Laat het maar eens tegen je pols springen. Kun je je dan nog focussen op mijn stem en op wat ik vertel?

Hij wil de groep zelf laten ervaren wat bij sommige jongeren goed kan helpen in een behandeling. ‘Toen ik automutileerde, ging het er niet om dat ik pijn wilde voelen: de pijn was meer een afleiding voor iets anders. Als tussenstap kan zo’n elastiekje dan helpen: het geeft de afleiding geeft die je nodig hebt, zonder dat je jezelf écht schade toebrengt.’