Jason wil trauma’s door jeugdzorg voorkomen

vrijdag 5 april ExpEx Rotterdam ExpEx Amsterdam

“De jeugdzorg is een beangstigend systeem geworden. Dat moet anders. Het moet liefdevoller”, zegt Jason Bhugwandass (21). Zelf kwam hij als kind na 13 maanden getraumatiseerd uit de jeugdzorg.

In die maanden zat hij in vijf gesloten klinieken en zag hij zo’n 135 hulpverleners. Zijn situatie verslechterde in die tijd dramatisch. “Er was geen hulp, geen arm om mijn schouder. De jeugdzorg is een plek die geassocieerd wordt met alles dat een kind niet wil: opgesloten worden en weggehaald worden bij je ouders.”

Misstanden in de jeugdzorg

Volgende maand verschijnt een rapport, van commissie-De Winter, naar misstanden in de jeugdzorg. Jason hoopt dat dat kan bijdragen aan verandering. “Doordat in het onderzoek alle verhalen samenkomen, geeft het inzicht in hoe heftig het kan zijn in de jeugdzorg. Zo’n onderzoek heeft autoriteit en zal daardoor beter doordringen.”

Jason vindt wel dat het rapport laat komt. “Ik denk dat we veel eerder hadden kunnen inhaken op die verhalen. Ze zijn niet nieuw.”

‘Ik had eerder opgenomen moeten worden’

Jason vertelt hoe hij zelf in de jeugdzorg terecht kwam. “Ik groeide op in een gewelddadig gezin. Mijn vader was alcoholist en mijn broer was heel agressief tegen mij. Hij heeft een autistische stoornis en kan zijn agressie slecht reguleren. Hij richtte zijn woedeaanvallen op mij.”

Toch duurde het lang voordat hij echt uit huis werd geplaatst. “Pas toen ik erg depressief en suïcidaal was, niet meer uit bed kon komen, werd ik opgenomen. Eigenlijk had dat veel eerder gemoeten.”

Geen hulp of therapie

Toen Jason eindelijk hulp kreeg, werd het niet beter voor hem, zegt hij. “Echt hulp of therapie kreeg ik daar niet. Niemand op die gesloten afdeling. Eigenlijk heeft die tijd alleen maar negatief voor me uitgepakt. Het leverde me nog meer trauma’s op.”

Want in plaats van het echte probleem aan te pakken, werd er alleen aan symptoombestrijding gedaan, vindt Jason. “Ik kreeg sondevoeding tegen mijn wil als ik niet meer at, ik werd in isoleercellen gezet als ik met stoelen gooide, mesjes werden me afgenomen als ik mezelf sneed. Maar hulp met mijn hoofd kreeg ik niet.”

Diepe sporen

De impact van zijn tijd in instellingen en zijn gewelddadige gezinssituatie hebben diepe sporen achtergelaten. “Het gaat nog steeds niet goed met me. Ik had in de jeugdzorg behoefte aan autonomie, maar in plaats daarvan werd er alles voor me besloten. Van wat ik op mijn boterham deed, tot verbieden dat ik naar buiten mocht, tot aan wie ik mocht bellen.”

Ook later werd het niet beter. “Toen ik eenmaal uit de jeugdzorg kwam op mijn 18de was ik helemaal afhankelijk geworden van het systeem. Ik moest echt weer integreren in de maatschappij. Zo vroeg ik dan aan mijn begeleider of ik van mijn kamer mocht of naar buiten mocht. Terwijl ik in een open setting woonde.”

Hoop voor anderen

De symptomen van zijn thuissituatie en zijn leven in de jeugdzorg is hij nog niet kwijt. “Nachtmerries, herbelevingen, in paniek raken op straat. Ik heb een posttraumatische stressstoornis en ik denk niet dat het beter zal worden. Al die hulpverleners die ik heb gezien en jaren therapie hebben niets veranderd.”

Hoewel hij voor zichzelf dus niet hoopvol is, zet Jason zich wel in voor anderen om de situatie in de jeugdzorg te verbeteren. Zo is hij ervaringsdeskundige bij ExPex (Experienced Experts) en doet hij zijn verhaal voor onder meer jeugdzorgmedewerkers en beleidsmakers. Ook schrijft hij gedichten, om zijn ervaringen te verwerken en zijn verhaal aan anderen te vertellen.

Luister op de website van EenVandaag naar het verhaal van Jason
én naar het gedicht dat hij over de jeugdzorg schreef.