Vrijheidsbeperkende maatregelen? Wij willen geen stap terug in de jeugdzorg!
Wij maken ons zorgen over de aangekondigde wijziging van de Wet rechtspositie gesloten jeugdhulp. Vrijheidsbeperkende maatregelen moeten een uiterste middel blijven, niet iets dat langzaam genormaliseerd wordt. Te vaak worden jongeren nog benaderd als een risico dat met dwang moet worden beheerst. Maar jongeren verdienen vertrouwen, menselijkheid en maatwerk.
Voor ons staat voorop dat vrijheidsbeperkende maatregelen in de jeugdzorg tot een absoluut minimum worden beperkt. De wet geeft daar nu ook al duidelijke kaders voor: vrijheidsbeperking mag alleen in uitzonderingssituaties wanneer sprake is van proportionele én aantoonbare effectiviteit. In open residentiële jeugdzorg is het zelfs wettelijk verboden. Toch zien we in de praktijk dat dit soms gebeurt, bijvoorbeeld door jongeren ’s nachts op te sluiten in hun kamer.
Inspectierapporten laten zien dat instellingen nu soms worden afgerekend op het ontbreken van een isoleercel, terwijl de wet dit helemaal niet voorschrijft. Dus instellingen die juist voorop lopen in alternatieve, niet-beperkende zorg, worden zo gestraft in plaats van gesteund. Dat is een verkeerd signaal.
Wij willen een jeugdzorg die gebaseerd is op vertrouwen, menselijkheid en maatwerk. Niet op angst en dwang. Daarom zeggen wij: geen uitbreiding van vrijheidsbeperking, geen haastige wetswijzigingen, maar eerst luisteren naar jongeren zelf.
Geen vrijheidsbeperking in open residentiële jeugdzorg
Wij willen ook heel duidelijk maken: wij zijn tegen uitbreiding van vrijheidsbeperkende maatregelen naar de open residentiële jeugdzorg. Formeel mag dit daar niet, maar in de praktijk gebeurt het soms wel na incidenten in de nacht, bijvoorbeeld omdat deuren niet op slot konden. Wij begrijpen het dilemma, maar het antwoord is niet om de wet te veranderen.
Zelfs als de maatregel tijdelijk zou zijn, of alleen onder voorwaarden toegepast zou worden, blijft dit een glijdende schaal. Wie controleert of het ‘nee, tenzij’-beginsel écht overeind blijft? Hoe wordt dit gemonitord? Dit zijn essentiële vragen voor de rechtspositie van jongeren.
Forensische doelgroep vraagt om andere aanpak
De inspectie heeft duidelijk gemaakt dat de huidige kleinschalige voorzieningen niet altijd passend zijn voor de forensische doelgroep. Voor die jongeren lijkt een tussenvorm – tussen gesloten jeugdzorg en een justitiële jeugdinrichting (JJI) – meer passend.
Belangrijk hierbij is dat er nu al een onderzoek van AEF loopt naar deze doelgroep. Toch wordt er vooruitgelopen op een wetswijziging. Wij vinden dat onverstandig. Wij roepen op om eerst de resultaten af te wachten en te onderzoeken wat jongeren daadwerkelijk nodig hebben, alvorens beleid te maken. Haastige wetgeving creëert alleen maar extra problemen.
Daarnaast wordt er op dit moment gewerkt aan een zorginhoudelijk kader voor deze doelgroep. Volgens ons is het essentieel om juist vanuit dat kader alternatieven te ontwikkelen. Alleen zo kan er zorg worden geboden die aansluit bij de behoeften van jongeren, met passende expertise en kwaliteit.
Wat dan wél?
Veiligheid is cruciaal voor alle jongeren, maar dat betekent niet automatisch meer opsluiting. Nu lijkt een kleine groep jongeren met complexe problematiek te zorgen voor grote gevolgen voor alle anderen. De aandacht moet uitgaan naar passende hulp en zorg voor die kleine groep, niet naar collectieve vrijheidsbeperkingen.
Er bestaan al wetten waarin meer rechtsbescherming is geregeld, zoals de Wet zorg en dwang in de GGZ. Daar is insluiting op individueel niveau mogelijk, mét voorafgaande rechterlijke toets en duidelijke waarborgen. Ook kan er gewerkt worden met zorginhoudelijke kaders waarin staat welke expertise en kwaliteit nodig zijn.
“Wij zien dat veel organisaties nu nog niet klaar zijn om dit op een verantwoorde manier te doen. Daarom moet de oplossing niet gezocht worden in haastige wetswijzigingen, maar in het opbouwen van kennis, samenwerking en maatwerk.”
Waarborgen zijn geen bijzaak
Mocht er toch een wetswijziging komen, dan is het wat ons betreft belangrijk dat deze gepaard gaat met stevige waarborgen:
- Voorafgaande een rechterlijke toets, net als bij de Wvggz en de Wet zorg en dwang.
- Een duidelijke definitie van “gevaar”, zodat niet ieder kind dat ’s nachts de kamer uitloopt opgesloten kan worden.
- Geen toepassing bij kinderen onder de 12 jaar.
- Onafhankelijke evaluatie en toezicht, niet alleen door de instelling zelf.
- Borgen van het klachtrecht én recht op ondersteuning door een vertrouwenspersoon, wat ook iemand uit het eigen netwerk kan zijn.
Zonder deze waarborgen ontstaat er een praktijk waarin vrijheidsbeperkingen de norm worden in plaats van de uitzondering. Dat druist in tegen kinderrechten en grondrechten. Het is tijd om terug te gaan naar vertrouwen in plaats van controle. Laten we luisteren naar wat jongeren ons écht vertellen.
Lees meer hierover:
- Onze eerdere reactie op vrijheidsbeperking in de open jeugdhulp, welke op 29 januari is verzonden naar het Ministerie van VWS en deze brief die de Tweede Kamer op 19 mei van ons heeft ontvangen.
- Opiniestuk van onze voorzitter Hannah en voormalig Kamerlid en onderzoeker Marijke Synhaeve: Als de deur op slot gaat, verdwijnt de menselijkheid
- Ons eerdere artikel over de rechtspositie van jongeren in de gesloten jeugdzorg, op basis van de ervaringskennis van ervaringsdeskundigen van Young In Prison (YIP), Team ED 16+, NJR Hoofdzaken.
- Het Rapport van het Verwey-Jonker Instituut waar wij input voor hebben gegeven: vrijheidsbeperkende maatregelen in de jeugdzorg: Rechtsbescherming van jongeren is nodig, maar niet genoeg.