Terugblik Jeugdzorgdebat Gemeente Den Haag

13 maart 2026

10 maart vond ons jeugdzorgdebat Kinder(recht)en voorop plaats in De Mussen. ExpEx Haaglanden, De Liga voor de Rechten van de Mens en de Podcast Jeugdzorgen organiseerden dit samen. Tijdens een debat over jeugdzorg gingen tien Haagse politieke partijen met elkaar en met jongeren in gesprek over vier belangrijke stellingen: inspraak van jongeren, veiligheid in de jeugdzorg, preventie en de rol van ervaringsdeskundigen.

De stellingen werden gepresenteerd door ervaringsdeskundige jongeren van ExpEx met hun eigen indrukwekkende ervaringsverhaal. Dit zorgde ervoor dat het niet alleen bij mooie woorden bleef. Politici werden hierdoor gedwongen om hun verhalen praktisch te maken en aan te tonen hoe zij met toekomstig beleid verandering willen maken.

Aan het debat namen vertegenwoordigers deel van CDA, GroenLinks-PvdA, SP, Hart voor Den Haag, Volt, D66, Partij voor de Dieren, ChristenUnie/SGP Den Haag, VVD en Drerrie voor Den Haag.

Inspraak van jongeren

De eerste stelling ging over het belang van inspraak van jongeren in de jeugdzorg. Volgens artikel 12 van het VN-Kinderrechtenverdrag moeten de meningen van kinderen aantoonbaar worden meegewogen bij besluiten die hen raken.

www.armanramzi.com 34

Alle partijen waren het erover eens dat inspraak essentieel is. Wel liepen de ideeën uiteen over hoe dit moet worden geregeld. Zo benadrukte GroenLinks-PvdA dat betere communicatie met jongeren nodig is. Veel jongeren verdwalen in het bos van de jeugdhulp. SP stelde dat het belangrijk is dat alle Haagse jongeren weten waar ze terechtkunnen met klachten en wat hun rechten hierin zijn;

te vaak wordt er door ambtenaren gezegd dat er weinig klachten zijn terwijl zij via hun eigen kanalen een ander geluid horen. Meerdere partijen benadrukten dat hulp toegankelijker moet worden gemaakt: duidelijker, eenvoudiger en dichter bij jongeren zelf. Vanuit het publiek werd gezegd dat jongeren veel te veel op een (te) laat moment worden betrokken bij beleidsontwikkeling, pas als de echte keuzes eigenlijk al gemaakt zijn.

Veiligheid in de jeugdzorg

De tweede stelling ging over veiligheid in de jeugdzorg. Ook hier was brede steun: schending van kinderrechten mag volgens alle aanwezige partijen niet zonder gevolgen blijven. De gemeente moet volgens hen actief toezicht houden en in gesprek gaan met zowel instellingen als jongeren wanneer er problemen zijn.

www.armanramzi.com 31

Wel wordt er door meerdere partijen gezegd dat Jeugdzorg een heel taai dossier waar veel kennis voor nodig is en dat met veel moeite langzaam te veranderen is. Continuïteit bij de personen die zich met dit dossier bezighouden, is belangrijk; door GroenLinks-PvdA werd speciaal de ervaring van de SP en CU-SGP m.b.t. jeugdzorg geprezen. Tijdens het debat kwamen er wel kritische vragen vanuit het publiek: “Er zijn al meer dan tien jaar lang rapporten over onveiligheid in de jeugdzorg, maar toch blijven problemen bestaan. Hoe kan dat? Ik wil hier niet over een jaar weer zitten met dezelfde vragen”. Deze vraag onderstreepte de frustratie die bij velen leeft over het tempo van verandering in de jeugdzorg.

Preventie en verantwoordelijkheid van de samenleving

De derde stelling ging over preventie en de rol die de gemeente heeft in het organiseren van deze preventie. De kern van de stelling: een kind zou niet zelf hulp moeten hoeven zoeken; hulp moet actief worden aangeboden. De gemeente is verantwoordelijk voor de organisatie hiervan en mag dit niet zomaar overlaten aan buurt- en wijkteams.

www.armanramzi.com 17

Partij voor de Dieren (deze kandidaat werkt in het dagelijks leven bij Veilig Thuis) stelde dat het soms mogelijk moet zijn om ook zonder toestemming van ouders met kinderen in gesprek te gaan. De partij wees er bovendien op dat er de afgelopen jaren te veel is bezuinigd op schoolmaatschappelijk werkers. De D66 benadrukte dat kinderen nu vaak afhankelijk zijn van toevallige steun uit hun omgeving.

“Je moet te veel geluk hebben met de mensen om je heen. Dat mag niet zo zijn”. De ChristenUnie/SGP Den Haag legde meer nadruk op de rol van ouders. Volgens de partij ligt de eerste verantwoordelijkheid bij ouders, maar moet er altijd een andere veilige plek zijn voor kinderen als zij thuis niet terecht kunnen. Drerrie voor Den Haag pleitte voor gekozen wijkraden en minder uitbesteding van zorgtaken. Volgens de partij moet de gemeente zelf meer verantwoordelijkheid nemen. De VVD benadrukte juist dat de gemeente beperkte capaciteit heeft en niet alle taken zelf kan uitvoeren.

Rol van ervaringsdeskundigen

De vierde stelling ging over de rol van ervaringsdeskundigen in het jeugdzorgbeleid. De stelling luidde dat al het jeugdzorgbeleid gemaakt moet worden met ervaringsdeskundigen uit de jeugdzorg en dat de gemeente erop moet toezien dat dit ook echt gebeurt.

www.armanramzi.com 5

Meerdere partijen gaven aan dit belangrijk te vinden en ook bij zichzelf in de gemeenteraad te willen beginnen. Ervaringsdeskundigen moeten vaker uitgenodigd worden in de gemeenteraad. Het feit dat veel ervaringsdeskundigen alleen aan de slag kunnen als vrijwilliger en daar moeilijk hun baan van kunnen maken, wilden meerdere partijen veranderen. Vanuit het publiek kwam wel de kritische vraag waarom de gemeente Den Haag dan geen ervaringsdeskundigen in dienst heeft binnen de afdelingen jeugd, terwijl andere gemeenten dat wel hebben. Hierop werd door de VVD gezegd dat er geen beloftes konden worden gedaan, maar het wel goed is om hier naar te kijken.

Foto’s: Arman Ramz